Wat drijft Islamisten

Oosterhoff op zoek naar antwoorden in de metahistorie

recensie van: Wat drijft islamisten? - Wilmos Oosterhoff
Uitgever: Importantia Publishing
ISBN 90-6659-040-8 / 127 pagina's
Prijs: € 11,95



januari 2004

De haat van Bin Laden c.s. tegen Amerika en Israël komt voort uit een diepgeworteld minderwaardigheidscomplex. Dat betoogt Wilmos Oosterhoff in Wat drijft de islamisten?, een boek waarin hij de 'botsing der beschavingen metahistorisch verklaart'.

De Arabieren dromen nog steeds van hun gouden eeuwen, toen hun steden Bagdad en Cordoba de culturele centra van de wereld waren, zegt Oosterhoff. Maar daar is niets meer van over. Zij voelen zich voortdurend vernederd door het 'arrogante' Westen en Israël. Zij kunnen het niet verkroppen dat de Joden een eigen staat hebben, middenin de moslimwereld en dat Amerikaanse soldaten het 'heilige' Arabische schiereiland met hun aanwezigheid verontreinigen. In plaats dat de Irakezen de Amerikanen dankbaar zijn voor de bevrijding van het schrikbewind van Saddam Hoessein, voelen zij zich door de Amerikanen opnieuw vernederd. "Wij hadden onszelf moeten bevrijden."

Het valt niet te ontkennen dat de Amerikanen en de Israëli's dikwijls arrogant optreden tegenover de Arabieren, meent Oosterhoff. Maar kan dat zoveel haat en agressie verklaren? De kolonisatie van het Midden-Oosten door de Westerse landen wordt vaak opgevoerd als oorzaak van de Arabische rancune. Maar daarbij wordt voor het gemak vergeten dat de Arabische wereld niet langer dan een eeuw, en in veel gevallen niet langer dan een halve eeuw door het Westen gekoloniseerd is. Terwijl daarvóór de Turken meer dan vijf eeuwen de macht over de Arabieren uitoefenden. Maar daarover hoor je ze niet klagen.

Volgens Wilmos Oosterhoff zit hier veel meer achter. Hij zoekt het niet in de historie, maar in de metahistorie. Volgens de Bijbel is de geschiedenis het gevolg van een krachtenspel in de hemelse gewesten. Het gaat om het plan van God en het plan van zijn tegenstander de duivel. Het is geen toeval dat de Verenigde Naties zich nu al vijftig jaar lang het hoofd breken over het Midden-Oostenconflict. Heeft Zacharia niet geprofeteerd dat Jeruzalem in het laatst der dagen een steen zou zijn die door alle natiën geheven zou worden - en waar ze zich aan zouden vertillen? (Zacharia 12:3). Is er één periode in de geschiedenis aan te wijzen waarin deze profetie beter vervuld werd dan in de huidige tijd?

De geschiedenis is de neerslag van de strijd in de hemelse gewesten. Het Midden-Oostenconflict vindt zijn diepste oorsprong in de rivaliteit tussen Abrahams vrouwen Sara en Hagar. Hagar was volgens de joodse traditie een Egyptische prinses. Maar door Sara werd zij meermalen diep vernederd. Tenslotte werd ze op aanstichten van Sara onterfd en met haar zoon Ismaël de woestijn ingestuurd. Deze vernedering hebben Hagar en Ismaël nooit vergeten noch vergeven. De erfenis bestaande uit het land Kanaän en het verbond met God, waarbij Ismaël tot een zegen voor alle volken zou worden, werd hem ontzegd. Maar hij had er wel zijn zinnen op gezet. Zijn leven lang heeft Ismaël wrok gekoesterd tegen zijn broer Isaäk, en deze wrok, afgunst en minderwaardigheidsgevoelens heeft hij overgedragen op zijn nageslacht, de Arabieren.

Tweeduizend jaar later werd Mohammed geboren, een rechtstreekse afstammeling van Ismaël. Hij koesterde hetzelfde minderwaardigheidscomplex tegenover Isaäk en zijn nazaten als zijn voorvader Ismaël. Hierdoor werd hij een gemakkelijke prooi voor de duivel die zich in de gedaante van aartsengel Gabriël voordeed als een 'engel des lichts'. Mohammed kwam met een rivaliserende godsdienst. Bij z'n mede-Arabieren, die met hetzelfde minderwaardigheidsgevoel behept waren, viel deze godsdienst in zulke goede aarde dat hij in twintig jaar het hele Arabische schiereiland bekeerd had. Zo snel heeft nog nooit een nieuwe godsdienst om zich heengegrepen. Een van Mohammeds vroegste wapenfeiten was de verbanning en uitroeiing van de Joden van Medina.

De haat van de Arabieren tegen de Joden wordt hiermee verklaard, maar daarmee is nog niet de haat tegen het Westen verklaard. Op de achterflap van het boek Wat drijft de islamisten? staat dat deze haat via de islam wordt overgedragen op andere volken. Ook wordt de haat uitgebreid naar de volken die de Joden het meest na staan qua geloof en afkomst. En dat zouden dan de christelijke volken moeten zijn. Maar de islam staat dichter bij het judaïsme dan bij het christendom. Zowel de islam als het judaïsme verwerpen Christus als Zoon van God en Messias. Waarom dan toch die haat tegen Amerika en het Westen?

Volgens Oosterhoff zou het weleens zo kunnen zijn dat de protestantse naties van het Westen afstammen van de verloren stammen van Israël. De joden maken slechts een deel van de Israëlieten uit. Tien stammen zijn eerder in ballingschap gegaan en sindsdien 'verdwenen'. De Bijbel staat echter vol profetieën voor deze 'verloren' stammen, die voor de eindtijd gelden. De stammen moeten dus nog ergens bestaan, zegt Oosterhoff. Is het dan zo vreemd om te veronderstellen dat Nederland, dat zich figuurlijk al eeuwenlang Israël van het westen noemt, een van de verloren stammen is, en zou hetzelfde niet kunnen gelden voor de overige protestantse naties?, vraagt hij zich af. En ook: zouden de Arabieren dat intuïtief aanvoelen en komt onze arrogantie daar misschien vandaan?

Om deze reden raadt de schrijver westerlingen af om zending te bedrijven onder de Arabieren. Van ons willen ze toch niets aannemen. "Het is misschien beter dat de zendelingen 'in het veld' uit de Derde Wereld komen. Te denken valt aan de vele gastarbeiders uit o.a. de Filippijnen en Zuid-Korea en natuurlijk de inheemse kerken in de moslimlanden. Het blijkt ook dat zendelingen uit Latijns-Amerika een veel beter gehoor vinden in Noord-Afrika dan de Europese of Amerikaanse zendelingen. De Westerse kerken en zendingsorganisaties doen er wellicht verstandig aan zich te beperken tot een dienende rol achter de schermen, tot steun en bemoediging van de zendelingen en de inheemse kerken." Dat schreef hij overigens tien jaar geleden in Vrouwen van Abraham. Oosterhoff kon in 1994 niet weten dat op dit moment in China duizenden evangelisten staan te popelen van ongeduld om het Evangelie naar Jeruzalem te brengen. Zullen zij slagen waar de Westerse zendelingen faalden?

Ook had in 1994 niemand nog van Bin Laden gehoord. Voor wie het boek heeft gelezen, is het geen verrassing dat Bin Laden een Arabier is, evenals de meeste van zijn medewerkers, en dat hij alle moslims probeert te mobiliseren tegen Israël en het Westen.

Voor Importantia Publishing was het reden om het boek opnieuw uit te geven, ditmaal onder de titel 'Wat drijft de islamisten?' (127 pagina's € 11,95, ISBN 90-6659-040-8).

Oosterhoffs visie op Israël biedt ook een interessante kijk op het zionisme. Volgens Oosterhoff hebben de Joden wel degelijk recht op het land Israël, maar nu nog niet. Het land is hun beloofd, maar de tijd om het land in bezit te nemen is nog niet rijp. Zij maken dezelfde fout die hun aartsvaderen al maakten. Abraham kon niet wachten op de belofte en meende God een handje te moeten helpen door met zijn slavin Hagar te trouwen. Deze daad van ongeduld is de oorzaak geworden van de huidige crisis. Ook Aartsvader Jakob dacht God een handje te moeten helpen. Hoewel hem het eerstgeboorterecht beloofd was, meende hij dat af te moeten troggelen van zijn broer. De zionisten hadden zich een hoop ellende kunnen besparen door op Gods tijd te wachten.

Boeiend leeswerk. Hier en daar is het wat speculatief, maar het biedt wel een verklaring voor veel raadselen uit de huidige geschiedenis, waar de 'deskundigen' geen raad mee weten.

Meer lezen:
Recensie in magazine Opwekking, februari 2004
Recensie in het Nederlands Dagblad, 12 december 2003

PakketStuur mij Wat drijft de Islamisten?